Eerste brief aan Timotheüs - Hoofdstuk 1

1 Paulus, die naar de wil van God, onze redder, en Christus Jezus, onze hoop, een apostel van Jezus Christus werd, zendt zijn groet aan Timotheüs, zijn echte zoon in het geloof. 2 Moge genade, barmhartigheid en vrede je ten deel vallen van God de Vader en onze Heer Christus Jezus. 3 Voor mijn reis […]

Eerste brief aan Timotheüs - Hoofdstuk 2

1 Allereerst moet ik je erop wijzen dat vragen, gebeden, voorbeden en dankzeggingen voor alle mensen gedaan moeten worden, 2 ook voor koningen en alle hooggeplaatste personen, opdat we een leven van vrede en rust in alle vroomheid en trouw aan God kunnen leiden. 3 Dat is goed en welgevallig voor God, onze redder. 4 […]

Eerste brief aan Timotheüs - Hoofdstuk 3

1 Een populair gezegde is: ‘Wie streeft naar een ambt, begeert een voortreffelijke levenstaak.’ 2 Voor het ambt van bisschop komt alleen een man in aanmerking op wie niets aan te merken is. Voorts moet hij getrouwd zijn en zijn vrouw steeds trouw gebleven zijn. Hij moet nuchter, verstandig, achtenswaardig en gastvrij zijn en in […]

Eerste brief aan Timotheüs - Hoofdstuk 4

1 De geestenwereld van God verklaart nadrukkelijk dat in latere tijden menigeen zal afvallen van het ware geloof, doordat zij zich wenden tot geesten van het bedrog en leringen verspreiden die van demonen komen. 2 Zij worden daartoe verleid door het huichelachtige gedrag van leugenpredikers die een brandmerk van schuld op hun eigen geweten drukken. […]

Eerste brief aan Timotheüs - Hoofdstuk 5

1 Een oudere man mag je niet te streng berispen, maar spreek met hem alsof hij je vader is. Behandel jongere mensen als broeders, 2 oudere vrouwen als moeders en jongere vrouwen als zusters met alle fatsoen. 3 Geef weduwen, die verder niemand hebben en werkelijk behoeftig zijn, ondersteuning. 4 Heeft een weduwe echter kinderen […]

Eerste brief aan Timotheüs - Hoofdstuk 6

1 Laat allen die bediende zijn in de huishouding van een ander niet vergeten dat hun heer er recht op heeft met alle respect door hen behandeld te worden. Waar dat niet in acht wordt genomen, maakt dat de naam van God en onze leer te schande. 2 Zij die christenen als heren hebben, moeten […]