Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 1

1 Bij vele gelegenheden en op verschillende manieren sprak God vroeger tot onze vaderen door de profeten. Tenslotte sprak hij in onze dagen tot ons door een Zoon 2 die hij bestemd had om het beheer van het universum over te nemen. Door hem heeft hij ook de tijdperioden laten vaststellen. 3 In hem weerspiegelt […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 2

1 Daarom moeten wij ons nog grondiger met datgene bezighouden wat we zojuist hebben gehoord, opdat het nooit meer uit ons geheugen verdwijnt. 2 Dus, als de boodschap die door engelen van God verkondigd werd al volstrekt overeenkomstig de waarheid was en elke overtreding en elke ongehoorzaamheid tegen zo’n boodschap de verdiende straf aantrok, 3 […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 3

1 Daarom, gelovige broeders en metgezellen op weg naar het hemelse thuis waarnaar jullie worden teruggeroepen, richt je blik op de afgezant en hogepriester, 2 de Jezus van onze geloofsbelijdenis die trouw bleef aan zijn schepper, zoals ook Mozes in zijn dienst in het huis van God in alles trouw werd bevonden. 3 Toch is […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 4

1 Maar de belofte dat allen in zijn rust zullen ingaan, blijft bestaan. Daarom moeten we er goed op bedacht zijn dat niemand van ons ook maar de schijn wekt dat hij zou zijn achtergebleven; 2 want die vreugdeboodschap is net zo goed tot ons gericht als tot hen. Weliswaar is de boodschap die ze […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 5

1 Want elke hogepriester die uit mensen voor dit ambt wordt gekozen, oefent zijn ambt voor God uit ten behoeve van de mensen voor wier zonden hij gaven en offers aan God moet brengen. 2 Daar hij zelf met allerlei zwakheden behept is, weet hij diegenen met mildheid te behandelen die uit gebrek aan het […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 6

1 Ondanks dat willen we ons nu niet bezighouden met de grondbeginselen van de leer van Christus, maar ons verheffen tot geestelijke rijpheid. We willen dus niet beginnen de fundamenten van het geloof opnieuw te leggen, zoals: de leer van de verandering van gezindheid, het opgeven van dode werken van de wet, de leer van […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 7

1 Deze Melchisedek was namelijk koning van Salem en een priester van God, de allerhoogste. Hij was Abraham tegemoet gegaan toen deze van zijn overwinning op de koningen terugkeerde en heeft hem de zegen gegeven. 2 Abraham gaf hem ook een tiende als zijn aandeel in de hele buit. De betekenis van de naam Melchisedek […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 8

1 Wanneer we wat hiervoor gezegd is, kort samenvatten, zien we het volgende: wij hebben een hogepriester die zijn plaats in de hemel aan de rechterhand van de troon van de goddelijke majesteit heeft ingenomen. 2 Hij is de hogepriester van de heiligen en van de echte heilige tent die God de Heer zelf – […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 9

1 Toch had ook het eerste verbond zijn godsdienstige bepalingen en zijn aardse heiligdom. 2 Er werd namelijk een tent ingericht en in het voorste gedeelte daarvan stonden een kandelaar en de tafel van de toonbroden. Men noemde dit deel van de tent het ‘heilige’. 3 Achter het tweede gordijn lag het gedeelte van de […]

Brief aan de Hebreeën - Hoofdstuk 10

1 De wet van Mozes bevat slechts een schaduw van de toekomstige heilszaken en niet hun ware wezen. Daarom is zij ook niet in staat om door het jaarlijks terugkerende offer, degenen die aan het offer deelnemen naar de uiteindelijke vervulling van het heil te brengen. 2 Anders zou men toch allang gestopt zijn met […]